vrijdag 10 december 2010

Het leed dat hardlopen heet

Sindskort ben ik begonnen met hardlopen. Waarom? Geen idee. Misschien omdat ik af en toe ook wel eens in andere sferen wil sporten. Een keer geen zwembad is ook wel eens fijn. Alhoewel, fijn...

Ik ben een geboren spast. Over mijn B-diploma heb ik zo'n twee jaar gedaan. Toen ik turnde, viel ik vaak uit de brug. En bij tennis ben ik een keer met mijn achterhoofd op het gravel gevallen, omdat ik uitgleed. Ook in het dagelijks leven ben ik een lompe boerin. Ik sta regelmatig op iemands tenen, rechtlopen lijk ik ook niet te kunnen en zelfs mijn tandenpoetsen zonder te morsen kan ik niet. En zo gaat het ook met hardlopen.

Eigenlijk kan ik helemaal niet hardlopen. Na 10 meter staat het zweet al op mijn voorhoofd. Na 15 meter ben ik zo rood als een biet. En na 2o meter hijg ik als een volwassen vent die dagelijks tien pakjes shag rookt. Ik ren alleen op plekken waar bijna niemand komt. Ik wil graag voorkomen om in deze staat mijn prins charming tegen te komen. Toch moet ik bekennen dat het rennen verslavend is. Telkens iets verder en langer rennen geeft een goed gevoel. Het zweet went en zelfs het hijgen is minder geworden. Of misschien lijkt dat zo, omdat ik mijn iPod tegenwoordig een paar tandjes hoger zet. Het maakt eigenlijk ook niet uit. Hardlopen doe ik voor mezelf. Ik kan heerlijk nadenken over de grapjes op school, de nieuwste roddels of over helemaal niks.

Rennen en Romy een combinatie van niks. Toch blijf ik voorlopig twee keer per week rennen. Twee keer per week met het zweet op mijn rode bieten hoofd met gehijg op de achtergrond. Achja, dat is het leed dat hardlopen heet.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten